
OEPS.. PFFF..
Algemeen“De winter duurt lang dit jaar.”
Hij kijkt je aan alsof dat jouw schuld is. “Ja,” zeg je.
“Het is geen vrolijke wereld,” mompelt hij dan. “Nee,” zeg je.
“En die politiek, daar spuug ik op. Nou weer die Omtzigt en Plasterk. Allemaal bedriegers,
mevrouw.”
“Allemaal?” waag je.
“Allemaal!” beaamt hij.
En weer heb je de indruk dat hij je persoonlijk verantwoordelijk houdt voor alles wat misgaat.
“Bent u wezen stemmen?”
Nee, natuurlijk is hij dat niet, wat denkt u wel, hij zal ook nog op dat zootje gaan stemmen zeg, de firma List en Bedrog zitten spekken, een beetje dit systeem in stand houden mevrouw, dit heeft toch niks met democratie te maken mevrouw, als je ziet hoe ze beloven en niks waarmaken, hoe ze je beduvelen, kom nou zeg, in de prullenbak die stempas, stemrecht mevrouw, en wie z’n stem hóren ze, niet de zijne in ieder geval, en ook niet die van u.
Een zacht “Oef…” ontsnapt je.
En je denkt aan alle vrijwilligers die zoveel tijd en energie stopten in de campagnes. Om mensen in beweging te krijgen.
Mensen als deze meneer. Vanaf de veilige zijkant commentaar spugen is, ach...
Maar we zijn er nog niet.
“Dit eiland,” begint hij.
“Ja? Mooi hè?” Mooi? Nou ja, de natuur wel, maar blij dat hij na dit weekend weer lekker in de stad is. Want de mensen hier, mevrouw, die bevallen hem niks. Sorry als u ook van hier bent.
“O? Wat mankeert er aan ons?”
Te vroom. En hij houdt niet van schijnheiligheid. Mensen die nog Middeleeuws denken, in een Sprookjesboek geloven, hij is er allergisch voor. En je denkt: vroomheid is schijnheiligheid. Interessant.
“Hebt u veel van onze inboorlingen gesproken deze dagen?”
“Niet één, natuurlijk niet.” “En nu al zo goed weten hoe het hier in elkaar zit,” zeg je vol ontzag.
Even een onderzoekende blik; houdt ze me voor de gek?
Maar dan: “Ze zijn overal hetzelfde, die vromen. Een normaal mens gelooft alleen in zichzelf en in de medemens”
“O ja,” zucht je, “in politici en zo. U heeft een groot geloof, meneer.”
“Pfff…” doet hij.
Andrea Stribos















