
Column Frank/Janine: winkeldiefstal
Actueel 306 keer gelezenDolly blijkt mijn hart te hebben gebroken. Met bijverschijnsel dat liefde is gaan stromen. Gravend in de muziek ontdekte ik dat ‘love hurts’ veel gelijkenis heeft met ‘I will allways love you’.
Als jongeling paste ik, in de Passarelstraat, op het huis van Maria. Onmogelijke liefde die ik compenseerde door mijn broodje te kopen bij de bakker op de Kolk. Kon ik even genieten van het prachtig uitzicht op het bakkersmeisje.
Onbereikbaar dromen, leuker dan helse ruzies die beginnen met waarom je het dopje nooit op de tandpasta doet. De realiteit dat het daar altijd weer op uitdraait, beheerst de manier waarop ik mijn leven lijd. (Ik weet het, het ligt aan mij). Maar soms gebeurt er iets.
In dit geval de dood van een zangeres, die ik gemakzuchtig had weggezet als een nagemaakt product van de Amerikaanse amusementsindustrie.
Tot ik getroffen werd door een van haar opnames en in tranen achterbleef. Dan kun je geen fout meer doen.
Mijn bewondering blijkt postuum nog terecht ook. Hoe iemands dood je inspireert te genieten van het leven.
Zaterdag ging, na een te lange vakantiestop, de band er op uit. Ik mocht het publiek weer vermaken. Als ik mensen zie genieten, geniet ik terug.
Maar de platte werkelijkheid pakt mijn bullen in, eenzaam naar huis; klatergoud op tandpastadopjes. Dit keer moest ik na afloop naar een bandje kijken/luisteren. Had ik beloofd, ze zoeken een nieuwe basgitaar-speler. Bandje is leuk maar het podium vreselijk. Tussen mij en de eilandelijke muziek-scene is het, tot elkaar veroordeeld, gewapende vrede. Of noem ik het koude oorlog?
ot ik daar het meisje van de supermarkt trof. Zo mooi, de rij voor de kassa kan me nooit lang genoeg zijn. Ik nam haar in mijn armen. Ik ga ze nooit meer wassen. Winkeldiefstal? Ik droom van een kusje.















